Startpagina  |  Over Westkans  |  Over Provincie West-Vlaanderen  |  Over Mentor


CD-ROM    Hoe maak ik mijn cultuurcentrum toegankelijk?




Binnen- en buitentrap

Voor ouderen, kinderen, slechtziende en blinde personen, personen met tijdelijke of blijvende loopmoeilijkheden (bijv. krukken) is het belangrijk dat zij een trap kunnen nemen waarvan de optreden niet te hoog zijn, een leuning waar ze zich goed aan kunnen vasthouden, (vandaar de tweede leuning op 70 cm voor mensen met een klein gestalte en kinderen), kleurcontrasten voor personen met een visuele handicap, enz.

1. Hoogteverschil

Als het te overbruggen niveauverschil meer dan 20 cm bedraagt, moet men zowel een helling als een trap aanleggen.

Niveaus die niet via een hellend vlak kunnen worden bereikt, zijn toegankelijk via minstens één kooi- of plateaulift.

2. Op- en aantrede van de trap

Tekening op- en aantrede

De optrede is max 18 cm. De formule 2 X optrede + 1 X aantrede (diepte) = 57 tot 63 cm (of een veelvoud hiervan) wordt steeds toegepast.

De horizontale afstand tussen de twee voorzijden van aantreden bedraagt minstens 23 cm. Dit is van belang voor mensen die slecht te been zijn, mensen met tijdelijke handicaps (kwetsuren), kinderen, enz.

3. Breedte van de trap

Een trap heeft een minimum vrije doorgangsbreedte van 120 cm tussen de leuningen en een vrije hoogte van twee personen die elkaar kruisen op de trap, bijv. een blinde met geleidehond en een ouder met kind aan de hand.

Foto mensen op een trap

4. Tussenbordessen

Na max. 12 treden is er een tussenbordes voorzien van minstens 120 cm op 120 cm. Op een tussenbordes kunnen mensen die slecht te been zijn, senioren, personen met ademhalingsproblemen of hartproblemen even op adem komen.

5. Wenteltrap of verdreven treden

Een wenteltrap kan beter worden vermeden. De treden versmallen naar de as toe waardoor bij het kruisen van bijvoorbeeld twee personen op de trap één persoon smalle treden moet nemen wat zowel naar comfort als naar veiligheid veel problemen geeft. Alle trappen dienen van het gesloten type zonder overstekende neuzen te zijn.

Foto wenteltrap

6. Leuning

Aan beide zijden van de trap is er een stevige leuning voorzien op een hoogte van 70 cm en 100 cm. Deze leuning staat in contrast met de omgeving, biedt een stevige steun en heeft een vorm die het erover glijden met de hand makkelijk maakt. De leuning loopt 40 cm horizontaal door, boven en onderaan de trap, en is volledig doorlopend op de eventuele tussenbordessen.

Een stevige en makkelijk grijpbare leuning is noodzakelijk voor senioren, personen met mobiliteitsproblemen, kinderen (op een hoogte van 70 cm) enz.

Leuning loopt 40 cm door Voorbeeld leuning loopt 40 cm door Ronde leuning Tekening ronde leuning Binnenzijde leuning rond Tekening binnenzijde leuning rond

Een leuning die in een contrasterende kleur is uitgevoerd is van belang voor slechtzienden, die op die manier de leuning gemakkelijk terugvinden.

Voorbeeld leuning in contrast

7. Neus van de trede

Foto detail traprand in contrast

Alle trappen dienen van het gesloten type te zijn zonder overstekende neuzen. Elke trapneus is voorzien van een slipvrije en kleurcontrasterende rand.

Overstekende neuzen vormen struikelgevaar voor iedereen en in het bijzonder voor personen met een loopprothese.

De contrasterende slipvrije rand is zowel belangrijk voor personen die slechtziend zijn als voor ouderen.

8. Materiaal van de ondergrond

De vloerbekleding van de trap bestaat uit een stroef, egaal en slipvrij materiaal.



Terug naar het begin
Logo Provincie West-Vlaanderen Logo Westkans
Infomap: Toegankelijkheid zoals het is
© Provinciaal Steunpunt Toegankelijkheid
Ontwerp iAnua