28/01/2008. Vandaag lezen we in de handelingen van de COMMISSIEVERGADERING VOOR ... RUIMTELIJKE ORDENING EN ONROEREND ERFGOED volgende vragen:
"… De gewestelijke verordening toegankelijkheid is op komst. Minister Van Brempt zorgt daarvoor. In West-Vlaanderen hebben we al een tijdje een provinciale verordening op toegankelijkheid. Die loopt al meer dan een jaar. Het is een proeftuin voor de gewestelijke verordening. Die werd ook al bijgestuurd vanuit praktijkvoorbeelden."
"… In Izegem is er een lokale commissie die de toegankelijkheid bekijkt. De provincie West-Vlaanderen heeft ook zo'n orgaan, Westkans. Alle vragen vanuit de gemeenten of andere besturen worden daar getoetst op bepaalde criteria. Misschien is het goed om ook daar ons oor te luisteren te leggen. (De heer Patrick De Klerck)"
Minister Dirk Van Mechelen kondigt ook het “as-built-attest” aan waarin bepaalde invalshoeken (zoals toegankelijkheid) zouden kunnen gevolgd worden tot in de uitvoering …
Het volledig verslag van deze commissie (pdf) kunt u op de site van het Vlaams Parlement nalezen.
Over de rol van de stedenbouwkundige ambtenaar zegt Minister Van Mechelen het volgende:
"In de wijziging van 23 december 2005 van het besluit van de Vlaamse
Regering van 28 november 2004, heeft de Vlaamse Regering het besluit over
de dossiersamenstelling van stedenbouwkundige aanvragen aangevuld.
Sindsdien is bepaald dat de nota van de architect, die bij
uitgebreide aanvragen moet worden gevoegd, een nieuw onderdeel moet bevatten.
Ik citeer het besluit: “(…) zo het een geheel of deels voor het
publiek toegankelijk gebouw betreft, een beschrijving van de al dan
niet vergunningsplichtige voorzieningen, om integrale toegankelijkheid te
bereiken voor de personen met verminderde beweeglijkheid. Hierbij
wordt bijzondere aandacht besteed aan die voorzieningen die verder gaan dan
de wettelijk vastgelegde normen.” Die laatste zin is erg belangrijk.
In tegenstelling tot wat men misschien zou kunnen denken, is die regeling
vandaag in alle Vlaamse gemeenten van toepassing, zowel in de allerkleinste
gemeente als in de allergrootste stad van Vlaanderen. Ik heb begrepen dat
sommige ambtenaren daar niet van op de hoogte zijn. Het is wel een beetje
pijnlijk dat ze de uitvoeringsbesluiten niet kennen. Ik neem uw suggestie
in overweging en zal met de heer Gilbert Kolacny van het agentschap bekijken
in welke mate we een bijkomend initiatief moeten nemen om de gemeenten daarop
attent te maken.
Het criterium dat van toepassing is, is wel degelijk dat het gaat over een
deels of geheel voor het publiek toegankelijk gebouw. Dan moet die informatie
aanwezig zijn. De taak van de gemeentelijk stedenbouwkundig ambtenaar
is dan ook dossiers die de beschrijving niet bevatten, als onvolledig terugzenden.
Vlaanderen beschikt volgens de jongste cijfers momenteel over 276 stedenbouwkundig
ambtenaren. Al die ambtenaren hebben een opleiding gevolgd en beschikken over
bekwaamheidsbewijzen. Ik ga ervan uit dat al die ambtenaren dit wel kennen.
Het zou echter inderdaad kunnen dat men niet mee is in een aantal kleinere
gemeenten en dat we ter zake een bijkomend initiatief moeten nemen. U weet
dat we, onder meer in samenwerking met de Vereniging van Vlaamse Steden en
Gemeenten (VVSG) nogal wat opleidingscycli hebben lopen en dat dit daar een
bijzonder aandachtspunt kan zijn. Daartoe verbind ik me.
De gemeentelijke stedenbouwkundig ambtenaar moet dus bekijken of die
beschrijving bij het dossier is gevoegd. Is dat niet het geval, dan is dat
een van de criteria om te stellen dat het dossier onvolledig is.
Op de vorige vraag, van mevrouw Guns, gaf ik al een gelijkaardig antwoord.
Dan kan het dossier gewoon worden teruggezonden. Als ik me niet vergis, bepaalt
punt c van artikel 16, ten tweede, dat zeer duidelijk.
Alle gemeenten worden natuurlijk op de hoogte gebracht van deze omzendbrief.
Dat geldt ook voor besluitaanpassingen. Het kan echter nooit kwaad om hen
hier nog eens aan te herinneren. Om uit te maken of het al dan niet gaat over
een publiek toegankelijk gebouw, kan men de lijst van gebouwen die opgenomen
is in het KB van 1977 erop naslaan. Vooralsnog is het toetsingskader voor
de inhoudelijke beoordeling dat KB van 1977, zoals u zelf terecht hebt gesteld.
Ik denk echter dat uit het besluit van de Vlaamse Regering heel duidelijk
blijkt dat het net onze bedoeling was aan de architecten te vragen verder
te denken dan de normen van dit KB. Dit was ook een poging om hen te sensibiliseren
om eveneens meer aandacht te schenken aan alle vormen van beperking die een
handicap kunnen zijn voor de toegankelijkheid. Het gaat dus niet alleen over
bewegingshandicaps. Ik denk bijvoorbeeld ook aan blinden, slechtzienden en
slechthorenden. Het is eveneens belangrijk dat er wordt gedacht aan de hedendaagse
normen en technologie die ondertussen tot stand zijn gekomen. 2008
is gelukkig 1977 niet."